banner 01

Noord Brabant

Al een aantal jaren is de provincie Noord-Brabant in gesprek met de agrarische sector om verbeteringen aan te brengen ten behoeve van het milieu.

Uiteindelijk resulteerde dat in een vertrouwensbreuk tussen gedeputeerden en het agrarisch werkveld. Op vrijdag 7 juli kwam het tot een voorlopige climax: Provinciale Staten moesten een besluit nemen over het uitgebreide maatregelenpakket (dat voor veel boeren dramatisch uitpakt).

 

In een debat dat tot twee uur 's nachts duurde stemden tenslotte de coalitiepartijen en Groen Links voor de voorstellen.

Vreemd, want er zou flankerend beleid komen, maar dat was er nog niet, en diverse onderzoeken gaven aan, dat het effect van de maatregelen zal tegenvallen. Daarnaast gelden de verordeningen voor alle boeren, ook voor hen die hun zaakjes redelijk tot goed voor elkaar hebben. Uitkomst is ook, dat kleine boeren zullen verdwijnen waarbij de dierenrechten zullen worden opgekocht door de grote. Daarmee worden de dierenaantallen op de urgentiegebieden nog groter en ontstaat verrommeling op dat deel van het platteland van Brabant waarop de kleine familiebedrijven werkzaam zijn. Nog meer leegstand, nog meer criminaliteit?

Hieronder volgt de inbreng van de 50PLUS fractie.

Voorzitter,

Zelden heb ik  in de 40 jaar dat ik me met politiek bezighoud zo geworsteld met het innemen van een standpunt als met het onderhavige onderwerp.

Als samenleving hebben we de afgelopen decennia het boerenbedrijf zien ontwikkelen tot een bijna industriële bedrijfstak. Dat gebeurde niet omdat de boeren het zo nodig vonden, maar economische motieven waren er vooral debet aan. De consument wilde en wil spullen maar ook voedsel voor een zo laag mogelijke prijs.

Daaraan zaten wel andere minder zichtbare prijskaartjes. Ik noem de negatieve effecten op het milieu, op dierenwelzijn, op geuren, op fijnstof e.d.

Nu wordt  na onze gezondheid (denk aan Q-koorts, hepatitis E) op termijn zelfs ons drinkwater bedreigd.

Voorzitter, dat mag zo niet doorgaan.

Anderzijds zie ik, dat er ook binnen de agrarische sector al heel wat gebeurd is om de negatieve effecten te verminderen. Ik zie de reigers terug in de polders en de kikkervisjes in de sloten. Er zijn nieuwe stalconcepten ontwikkeld, het gebruik van antibiotica wordt teruggedrongen, dierenwelzijn krijgt veel meer aandacht, als provincie hebben we de dialoog met de agrarische sector en de retail opgestart (Ruwenberg conferentie o.l.v. Yves de Boer) die leidde tot de BZV.

Kortom, er zijn ontwikkelingen in gang gezet waarbij boer en burger samen naar oplossingen en aanvaardbare situaties zoeken. Dat zoiets niet in een korte termijn gerealiseerd kan worden is mij duidelijk.

Wel bespeurde ik steeds meer draagvlak voor genomen en te nemen maatregelen in dat verband.

En wat is er nu aan de hand:

Door te willen forceren, versnellen, niet meer met elkaar te overleggen is een situatie ontstaan  die ten koste gaat van het draagvlak, een situatie waarin besloten wordt op basis van rapporten (goedbedoeld, maar ze zijn het lang niet met elkaar eens) die soms aangeven dat de effecten van de te nemen besluiten waarschijnlijk marginaal zijn.

Het echte probleem: te veel dieren wordt feitelijk niet aangepakt.

De maatregelen die voorliggen worden zodanig ingevoerd, dat voor veel boeren dit niet te behappen is en die als neveneffect hebben dat de grote boeren groter worden en voor veel kleinere geweldige financiële problemen ontstaan. .

Er wordt gesproken over flankerend beleid om aan dat laatste tegemoet te komen, maar dat is dermate vaag, dat ik eerlijk gezegd daar niet zo veel mee kan.

Kortom voorzitter, mijn verstand zegt, dat we op de goede weg bezig waren, dat we in samenspraak met alle betrokkenen hier en daar wel wat versnelling moeten kunnen aanbrengen, maar in elk geval verder opereren met draagvlak want zonder dat wordt het een hopeloze opgave en worden alleen advocaten hier beter van.

Derhalve bepleit ik, dat het extra naar voren halen van maatregelen sowieso niet op deze manier gebeurt, de overheid moet een betrouwbare partner blijven,  dat we niet de rekening bijna eenzijdig op het bordje van de agrarische sector leggen en wel de dialoog met het werkveld herstellen.


zeeland Noord-Brabant Limburg Zuid-Holland Noord-Holland Utrecht Gelderland Flevoland Overijssel Friesland Drenthe Groningen Belgiƫ

Deelnemende gemeenten GR2018